Kitap · Max Havelaar
Sayfa 186 / 887
Yazar: Multatuli
Süre0:00
Hız (WPM)0.0
Doğruluk100.0%
Başlat düğmesine bastıktan sonra yazmaya başla. · Backspace devre dışı — yanlış yazsan da devam et.
Havelaar en Verbrugge namen plaats by de tafel, en onder 't
gebruiken van thee over onbeduidende dingen sprekende, wachtte
men tot Dongso den resident kwam berichten dat de versche paarden
waren voorgespannen. Men pakte zich zoo goed mogelyk in den
wagen, en reed heen. Door 't hotsen en stooten viel 't spreken
moeielyk. Kleine Max werd rustig gehouden met pisang[38] en zyn
moeder die hem op den schoot had, wilde volstrekt niet bekennen
dat ze vermoeid was, als Havelaar aanbood haar van den zwaren
jongen te ontlasten. In een oogenblik van gedwongen rust in een
moddergat, vroeg Verbrugge den resident, of hy met den nieuwen
adsistent-resident reeds gesproken had over mevrouw Slotering?
--M'nheer. Havelaar. Heeft. Gezegd.
--Welzeker, Verbrugge, waarom niet? Die dame kan by ons blyven.
Ik zou niet gaarne ...
--Dat. Het. Goed. Was. sleepte de resident er met veel moeite by.
--Ik zou niet gaarne myn huis ontzeggen aan een dame in haar
omstandigheden! Zoo-iets spreekt vanzelf ... niet waar, Tine?
Başlat düğmesine bastıktan sonra yazmaya başla.
Başlatılmadı