Kitap · Max Havelaar
Sayfa 179 / 887
Yazar: Multatuli
Süre0:00
Hız (WPM)0.0
Doğruluk100.0%
Başlat düğmesine bastıktan sonra yazmaya başla. · Backspace devre dışı — yanlış yazsan da devam et.
--Ik wenschte den heer adsistent-resident zoo spoedig mogelyk te
zien om vriendschap te sluiten, zei de Adhipatti.
--Zeker, zeker, ik voel me zeer vereerd! Maar ik zie niet gaarne
iemand van uw rang en uw jaren zich al te veel inspannen. En
te-paard nogal!
--Ja, mynheer de adsistent-resident! Waar de dienst me roept, ben
ik nog altyd vlug en sterk.
--Dit is te veel van uzelf gevergd! Niet waar, resident?
--De heer Adhipatti. Is. Zeer.
--Goed, maar er is een grens.
--Yverig, sleepte de resident achterna.
--Goed, maar er is een grens, moest Havelaar nogeens zeggen, als
om 't vorige terugteslikken. Als u 't goed vindt, resident,
zullen we plaats in den wagen maken. De baboe kan hier blyven, we
zullen haar een tandoe[35] zenden van Rangkas-Betoeng. Myn vrouw
neemt Max op den schoot ... niet waar, Tine? En dan is er plaats
genoeg.
--Het. Is. My.
--Verbrugge, we zullen ook u passage geven, ik zie niet in ...
--Wel! zei de resident.
Başlat düğmesine bastıktan sonra yazmaya başla.
Başlatılmadı